Zzp en ondernemingsplan: de valkuilen

Ook voor een zzp’er is het belangrijk een ondernemersplan te schrijven. Het geeft immers richting aan je plannen en zicht op je valkuilen, succesfactoren, concurrenten en onderscheidende factor. Echter, omdat jij ‘je bedrijf’ bent, doemen er talrijke valkuilen op.

Denk (en handel) als een ondernemer (en niet als jezelf)!  © Iosphere / Free Digital Photos

Voor een ondernemersplan moet je als zzp’er namelijk denken als ondernemer en niet als ‘jezelf’. Wil je bijvoorbeeld als mens graag ‘aardig gevonden worden’, voor een ondernemer is dat geen handig doel. Het gaat immers om geld verdienen en dan maak je veelal andere keuzes dan die je als persoon zou maken. Zelf trap ik nogal eens in die valkuil.

Valkuilen
Toen ik mijn ondernemersplan schreef, gaf een zakelijk consultant feedback op mijn plannen. Zijn eerste vraag aan mij was: “Zit je hier als Monique of als ondernemer?” ‘Ergens daartussenin’, zei ik. Valkuil 1!

Switchen in rollen
“Je switcht teveel in rollen”, zei mijn consultant. “De ene keer geef je antwoord als Monique en de andere keer als ondernemer.” Die wisselingen zaten ook in mijn ondernemingsplan. “Jouw persoon klinkt sowieso in je onderneming door. Dat is goed. Dat zorgt ervoor dat jouw bedrijf uniek is”, vervolgde hij. “Maar vervolgens moet je vooral denken als ondernemer.”

Tip 1: Denk als ondernemer (en niet als ‘jezelf’)

“Wel is het zinnig om te onderzoeken welke persoonlijke eigenschappen handig zijn om als bedrijf vooruit te komen”, gaf hij als tip mee. Ik ben bijvoorbeeld goedlachs. “Een hele fijne eigenschap in je ondernemerschap, vooral bij klantcontacten”, zei hij. “Gebruik dat!”

Brood op de plank
Zijn tweede vraag luidde: “Wat ben je het meest: sociaal, maatschappelijk betrokken of zakelijk?” Mijn antwoord: ‘Ergens tussen sociaal en maatschappelijk betrokken in, met het zwaartepunt op maatschappelijk’. Valkuil 2!

“Als ondernemer moet je in eerste instantie zakelijk denken en besluiten nemen. Maatschappelijk en sociaal zitten daar wel bij, maar het gaat in eerste instantie om brood op de plank”, was zijn bevlogen mening.

Tip 2: Denk zakelijk: is een contact goed voor je bedrijf?

“Vraag je voortdurend af: wat heeft mijn bedrijf eraan? Wat levert een contact mijn bedrijf op? Denk daarbij niet alleen in geld, maar ook aan bijvoorbeeld een netwerk, contacten of bekendheid.”

Geld en netwerk
Zijn derde vraag luidde: Ben je open en eerlijk? Ik antwoordde met ja (het was lange tijd mijn handelsmerk), al leer ik gaandeweg mijn leven wat minder open te zijn omdat dat in talrijke situaties niet handig blijkt. “Ruil dat in voor strategisch”, adviseerde hij.

Tip 3: Denk strategisch: laat niet meteen in al je kaarten kijken

“Geef niet meteen al je ideeën prijs. Zorg bijvoorbeeld eerst dat je een opdracht binnenhaalt, voordat je je ideeën ventileert over een eventueel tweede opdracht. Zie het als het topje van een ijsberg. Onder water zit je munitie die je mondjesmaat prijsgeeft, waardoor je telkens weer kunt verrassen.”

Schrijf vanuit energie
Nog een valkuil: bij mijn eerste versie van mijn ondernemingsplan besefte ik dat het allemaal wel erg ‘vanuit het hoofd’ was geschreven. Ik had nog geen bedrijfsidee waarvoor ik echt warm liep, werkelijk in geloofde en waarvan ik voelde dat het dichtbij mij stond.

Mijn zakelijk consultant was het met mij eens. “Je hebt het ondernemingsplan je nog niet eigengemaakt”, concludeerde hij en stuurde mij naar huis met de opdracht: “Herschrijf je ondernemingsplan nu vanuit je energie. Waar krijg je energie van? Vanuit energie moet je denken.”

Bovendien had ik het format van het ondernemingsplan heel braaf als een schoolse invuloefening ingevuld. “Denk creatief’, daagde hij mij uit. “Trek het ondernemingsplan naar jezelf toe. Negeer desnoods de tekstblokken in het format van het ondernemingsplan en zet het naar je eigen hand.”

Tip 4: Denk vanuit energie: zowel in je ondernemingsplan als in je onderneming 

“Zet jezelf in vuur en vlam. Als je energie voelt, ga er dan voor. Nadenken over doelgroepen komt pas daarna.”

 

Meer tips om als zzp’er succesvol te zijn:

  • Wees niet bang om groot te denken, ofwel: valse bescheidenheid is nergens goed voor als je een bedrijf wilt starten.
  • Bedenk welke eigenschappen van jezelf belangrijk zijn om als bedrijf vooruit te komen. Gebruik die!
  • Denk altijd in win-win: wat heeft je bedrijf er aan?
  • Maak je wereld groter door inzicht te krijgen in de markt / de branche waarin je je begeeft: wie zijn de hoofdrolspelers, wat is het profiel van je concurrenten, hoe beweegt de doelgroep zich? Op de website van de Rabobank vind je cijfers en trends per branche.
  • Beschrijf waar je over 5 jaar wilt zijn. Wat wil je uiteindelijk worden? Wat is je drijfveer? Wat is je ultieme doel en wat je onderliggende gedachten daarover? Plus: wat heb je daarvoor nodig?
  • Ga je samenwerken? Houd het zakelijk en opereer altijd vanuit gelijkwaardigheid.
  • Netwerk opbouwen: hap niet te snel toe. Maak een selectie.
  • Wacht niet tot je iets 100 procent kan voordat je de opdracht aanneemt. Iedere opdracht is een leerproces.
  • Let op energievreters in je omgeving. En op energiegevers.

Meer informatie

 

Zzp’er en uitgeblust: wat nu?

Stel: een dierbare is ernstig ziek, het is uit met je relatie, je acquisitie levert voor geen meter resultaten op en/of de politiek ondermijnt (stelselmatig) je bedrijfsactiviteiten. Gevolg: je energie raakt op. Je hebt er (even) geen zin meer in. De fut is eruit. Wat doe je dan?

Zzp’er en futloos? Handel als een leeuw of een torenvalk. © Iosphere / Free Digital Photos

Wezenloos naar het computerscherm staren of je werk even je werk laten voor een dagelijkse fikse wandeltocht? Jezelf streng aanpakken en tot discipline manen of eens een poosje ‘spijbelen’, lanterfanten en je geest vrijaf geven?

Werkethos vorige eeuw
In februari 2019 verscheen in De Volkskrant een mooi dossier over de ‘burn-out-epidemie’ die Nederland treft. Om die te voorkomen, moet je allereerst op de eerste signalen letten (zie intro van dit blog), vertelt iedere deskundige.

Ook hameren de deskundigen – tot vervelends toe – op ‘de balans tussen in- en ontspanning, plichten en lol.’ Klinkt goed, maar hoe doe je dat als je als zzp’er (voor je gevoel) 30 ballen in de lucht moet houden en er een strenge militair in je zit met een werkethos uit de vorige eeuw (zie column doordendertypes)?

Ronkende leeuwen
In het burn-outdossier van de Volkskrant stond een origineel artikel van Wilma de Rek, over de balans tussen in- en ontspannen en wat we in die zin van dieren kunnen leren. Haar motivatie: ‘We mogen dan parmantig in mooie pakjes de wijsneus uithangen, ons lichaam is niet anders dan onze jagende en verzamelende betovergrootouders.’

Zij interviewde daarvoor onder meer diergeneeskundige en oud-directeur van Artis, Maarten Frankenhuis. Een citaat: ‘Vooral mannelijke leeuwen voeren geen flikker uit; die liggen 22 uur van de 24 uur te ronken. Aan de andere kant: ze dekken wel 50 keer per dag. In de nabijheid van een zaad vragend eitje zijn ze onvermoeibaar.’

Homo sapiens
Wat kunnen we – als zzp’er – leren van deze leeuw? Als ik mij verplaats in de leeuw moet ik dus – als ik even geen opdrachten heb of geen fut – gaan ‘ronken’. Onjuist!

Volgens de diergeneeskundige is er ‘van een juiste balans sprake (tussen in- en ontspanning) als het organisme het leven leidt waarvoor het evolutionair is toegerust.’ Voor iedere diersoort is dat weer anders. Zo is het lichaam van de homo sapiens (de mens) volgens hem ingesteld op beweging.

Zaadvragend eitje
De wandelschoenen aan dan maar? Want blijkbaar is er geen zaad vragend eitje of zaadloosgeval (lees: interessante opdrachtgever) in de buurt. Anders was je immers niet zo futloos en sprong je wel op bij zoiets interessants.

Nietsdoen of niets doen?
Over de kracht van nietsdoen en lummelen is al veel geschreven. Je zou er creatiever en gelukkiger door worden, en dichter bij jezelf komen, zodat je betere keuzes maakt. Ook in je bedrijf. Maar een zzp’er die ‘niks doet’, al is het maar voor even, klinkt ook zo als een loser. Het dierenrijk biedt nu opnieuw uitkomst:

In het artikel van De Rek komt het woord ‘efficiënt nietsdoen’ ter sprake, want ‘onderstimulatie is ook niet goed’. Ofwel: dieren schijnen niet altijd ‘niets te doen’ als ze nietsdoen. Zo ‘verzamelt de torenvalk ­die schijnbaar urenlang op een paaltje zit te lummelen’, informatie om later te gebruiken tijdens de jacht op voedsel, is het vermoeden.

Kijk, nu komen we ergens. Als je als zzp’er dus echt even geen fut meer hebt: handel dan als de dieren, ga ‘efficiënt nietsdoen’ en breng (bijvoorbeeld) je jachtgebied in kaart. Zodat je later weer efficiënter en doelgerichter kunt jagen. Want doorbuffelen als een mier of kolibrie zet ook geen zoden aan de dijk.

 

Tips voor Efficiënt Nietsdoen:

 

Beeldrechten foto: hoe zit dat nou?

Begin 2018 sprong ineens een freelance fotograaf op mijn nek. Ze verweet mij een foto van haar te gebruiken, terwijl daar beeldrechten op staan, volgens haar. Als blogger schrik je altijd van zo’n bericht.

Haar berisping:

‘Van naamsvermelding kun je geen droog brood eten, maar soms levert het wel contact op. Het niet vermelden of iets anders vermelden is helemaal geen brood en ook geen contact. Je artikel gaat over de toename kwetsbaarheid en onzekerheid van/bij zzp’ers. Deze zzp’er heet nu geen xx (naam fotograaf) maar ‘foto rijksoverheid’…’

Ze verzocht mij haar naam te vermelden én contact op te nemen met haar agentschap ‘voor een gebruiksvergoeding’.

Foto: Jonathan Borba via Pexels

Misbruik opsporen
Nu ben ik altijd uiterst zorgvuldig in het omgaan met beeldrechten. Een fotograaf is hierin, net als een freelance journalist, immers kwetsbaar. Het vergt een dagtaak om plagiaat of misbruik op te sporen. Zelf maakte ik een keer mee dat iemand 1-op-1 al mijn blogs op haar website had geplaatst, zonder naamsvermelding of link naar mijn blog.

Gelukkig kreeg ik van WordPress een notificatie van dit fenomeen. Ik verzocht de website-eigenaar vriendelijk doch dringend om naamsvermelding en een link naar mijn blog. De geschrokken eigenaar haalde vervolgens in no-time al mijn blogteksten van haar website.

Verdienmodel: beeldrecht claimen
In het opsporen van schending van beeldrechten zit ook een verdienmodel. Een fotograaf vertelde ooit tijdens een presentatie dat hij – als hij even niets te doen had – internet afstruinde op zoek naar misbruik van zijn foto’s en vervolgens een stevige rekening stuurde. Het leverde hem behoorlijk wat op. Ook journalist Ton Verlind had zo’n ervaring met beeldrecht claimen als verdienmodel.

Er zit ook een verdienmodel in het juist vrijgeven van beeldrechten op je foto’s: lees het verhaal van fotograaf Sebastiaan ter Burg.

Schending beeldrechten
Maar nu mijn eigen kwestie van de vermeenden schending van beeldrechten. Ik had de betreffende foto – van voormalig staatssecretaris Wiebes – destijds van de website van het ministerie van Financiën gehaald. Bij de foto stond uitdrukkelijk:

‘Het auteursrecht op de foto’s in deze rubriek berust bij de rijksoverheid en wordt uitdrukkelijk voorbehouden. Het is evenwel toegestaan de foto’s te downloaden ten behoeve van redactioneel gebruik door nieuwsmedia, het tonen in openbare ruimten, privégebruik en educatieve doeleinden.’

Wiebes was – op het moment van de mailwisseling met deze fotograaf – echter geen staatssecretaris van Financiën meer. Dus echt bewijzen kon ik het niet. Het was dus beter geweest als ik van het beeldrecht van deze foto een printscreen had gemaakt. Dan sta je later altijd juridische sterk.

Naamsvermelding: plicht of gunst
De fotografe meende zeker te weten dat ze Wiebes destijds had gefotografeerd toen hij nog als wethouder verbonden was aan de gemeente Amsterdam. En dat het over dezelfde foto ging.

‘Gemeente Amsterdam was mijn opdrachtgever en deze opdrachtgever mocht de foto’s vrij gebruiken. Als mijn werk door derden of commercieel gebruikt wordt krijgt de maker van het beeld een vergoeding. […] Naamsvermelding is een verplichting, geen gunst. Dat mijn naam vervangen wordt zonder betaling heeft voor mij en mijn eenmanszaak uiteraard grote gevolgen.’

En ze eindigde met de woorden: ‘Hier kun jij dus niks aan doen!’

Tips rechtenvrije foto’s
Mijn ‘zaak’ liep dus met een sisser af. Wel bleek weer hoe alert je moet zijn met het gebruik van gratis foto’s. Juriste Charlotte Meindersma is specialist op dit gebied. Zij geeft op haar website tips voor zowel fotografen die hun werk willen beschermen als bloggers die rechtenvrije foto’s zoeken:

Meer informatie

 

Etnomarketing: marketing voor moslims

Hoe win je het vertrouwen van de niet-westerse consument? Volgens de Belgische etnomarketeer Rachid Lamrabat laat de traditionele marketing op dit gebied talrijke kansen liggen. Zonde, want deze groep groeit gestaag en heeft ook steeds meer te besteden. Maar andere culturen vergen soms een andere manier van marketing.

Zo vergt het wat tijd om de gunst van bijvoorbeeld de moslimconsument te winnen, weet Lamrabat die in Marokko geboren is en op zijn 3e jaar naar Vlaanderen verhuisde. Waar de traditionele marketing ervan uitgaat dat een goed vermarkt product zichzelf verkoopt, gaat het bij de moslimgemeenschap allereerst om vertrouwen, benadrukt hij. Pas als een moslim jou als aanbieder vertrouwt, beoordeelt hij je aanbod.

Marketing voor moslims: een moslimgemeenschap wikt en weegt en moet het eens zijn / © Monique Koudijs

Begrip faken
Vertrouwen krijgt de moslimconsument als hij voelt dat er respect is voor zijn cultuur. Hij moet voelen dat je je werkelijk hebt verdiept in zijn normen en waarden, en ook begrijpt waarom dat zo is. Begrip ‘faken’ is uit den boze, dat voelt hij direct, schrijft Lamrabat. Kledingcollecties laten ontwerpen door ontwerpers met een hybride achtergrond bijvoorbeeld laat betrokkenheid zien. Als er moslims (met hoofddoek) werken in je zaak, helpt dat ook.

Marketingstrategie
Ben jij als ondernemer door de ballotage van een moslimgemeenschap, dan pas wordt jouw aanbod in overweging genomen. Dit betekent: het wordt in de gemeenschap gewikt en gewogen. Is de gemeenschap het onderling eens, bijvoorbeeld over het feit dat het product ‘halal’ is en past binnen de islam, dan is de grootste horde in je marketingstrategie genomen.

Toch kan het ook dan goed misgaan. Een hilarisch voorbeeld:

Lees verder